Op zes verandert er iets
Bij vier en vijf ben je klaar met stoelendans en een zak ballonnen. Bij zes werkt dat niet meer. Je kind kan lezen. Het snapt regels, en het houdt zich er ook aan. Het weet wat eerlijk is en zegt het hardop als iets niet eerlijk gaat.
En het belangrijkste: het wil een verhaal. Geen zes losse spelletjes achter elkaar, maar een reden waarom je die spelletjes doet. Een kinderfeestje 6 jaar dat bestaat uit blikgooien, koekhappen en dan taart, voelt op deze leeftijd al een beetje kinderachtig. Je ziet het aan hun gezicht bij het derde spel.
Een kinderfeestje 7 jaar kan al echt wat hebben. Een missie, een brief die ze zelf lezen, een code die ze samen kraken. Ze kunnen twintig minuten aan één ding werken zonder dat je ze erbij moet houden. Dat is nieuw, en dat maakt het feest voor jou ook een stuk rustiger.

Hoe lang duurt zo’n feest
Reken op 105 minuten. Dus bijvoorbeeld van 14.00 tot 15.45 uur. Dat is langer dan bij kleuters, en dat kan omdat kinderen van zes en zeven veel meer aankunnen. Ze zijn een langere tijd geconcentreerd, ze onthouden wat er in het begin is gezegd en ze kunnen zelf lezen wat er op een briefje staat.
Korter dan anderhalf uur is zonde. Je bent dan net op gang als het alweer voorbij is en de spanning van het verhaal komt er niet uit. Langer dan twee uur wordt te veel. Rond de honderd minuten zit het omslagpunt: dan is iedereen lekker moe en niet chagrijnig.
Zet de eindtijd op de uitnodiging. Anders staan er om vier uur nog drie kinderen in de gang en zit jij met een half opgeruimde woonkamer.
Draaiboek van 105 minuten
Dit werkt bij ons thuis en bij vrijwel elk thema. Tijden zijn gebaseerd op een start om 14.00 uur.
- 14.00 tot 14.15, binnenkomst. Iedereen krijgt een deelnemerspas met zijn eigen naam erop. Jassen weg, cadeautjes op een stapel, even rondrennen mag.
- 14.15 tot 14.25, het verhaal begint. Je leest een brief voor. Er is iets kwijt, er is iets gestolen, er is een noodoproep binnengekomen. De kinderen krijgen een opdracht en een titel.
- 14.25 tot 14.40, eerste spel. Iets actiefs waarbij ze meteen samen moeten werken. Dit spel levert het eerste stukje van de aanwijzing op.
- 14.40 tot 14.55, tweede spel. Rustiger, aan tafel of op de grond. Knutselen, sorteren, puzzelen.
- 14.55 tot 15.15, de speurtocht. Acht aanwijzingen door het huis of de tuin. Ze lezen ze zelf voor. Dit is meestal het beste onderdeel van de middag.
- 15.15 tot 15.30, eten en taart. Precies op het moment dat de energie een dipje krijgt. Bekers met een wikkel eromheen, vlaggetjes in de taart.
- 15.30 tot 15.42, de ontknoping. Met wat ze in de speurtocht vonden kraken ze de laatste code. Ze vinden de schat, de dief, de verdwenen kleur.
- 15.42 tot 15.45, diploma’s. Iedereen krijgt er een, hardop voorgelezen, met naam en een eigen titel. Dan gaan ze naar buiten met iets in hun hand.
Plan altijd één spel meer dan je denkt nodig te hebben. Dat is je reserve als iets sneller gaat dan gedacht.
Waarom een verhaallijn beter werkt
Losse spelletjes moet je elke keer opnieuw verkopen. “En nu gaan we…” en dan hoor je gekreun. Bij een verhaallijn hoef je dat niet meer, want ze willen weten hoe het afloopt. Het volgende spel is geen nieuw spel, het is de volgende stap.
Zo bouw je hem op:
- Missie. In de eerste tien minuten. Kort en duidelijk. “De schatkaart is in vier stukken gescheurd en verstopt.” Meer heb je niet nodig.
- Obstakel. Halverwege loopt het mis. Een stuk ontbreekt, iemand heeft ze te pakken, de code klopt niet. Zonder tegenslag is er geen spanning.
- Ontknoping. Alles wat ze verzameld hebben komt samen in één laatste opdracht. Die moeten ze met z’n allen doen.
- Beloning. Iets tastbaars. Een kist met snoep, een diploma op naam, een medaille. Bij zes- en zevenjarigen telt vooral dat er iets is met hún naam erop.
Vertel je verhaal in korte stukken tussen de spellen door. Nooit langer dan een minuut achter elkaar praten.
Welke spellen werken op deze leeftijd
Dit werkt wel
- Teams die samen iets moeten maken. Een brug van kranten, een toren, een geheime vlag. Niet tegen elkaar, maar samen tegen de klok.
- Een speurtocht met leesbare aanwijzingen. Korte rijmpjes in grote letters. Op zes lezen ze nog hakkelend, dus vier regels per briefje is genoeg. Een speurtocht kinderfeest is bijna altijd het onderdeel waar ze het langst over doorpraten.
- Opdrachten met een code. Cijfers die een woord vormen, een letterwiel, een geheimschrift. Ze zijn er net oud genoeg voor, en dat voelt slim.
- Zoekspellen. Twintig kleine dingen verstopt in één kamer. Werkt altijd, kost jou vijf minuten voorbereiding.
Dit werkt niet
- Afvalspellen. Stoelendans, tikkertje met eruit liggen, alles waarbij een kind aan de kant komt te zitten. Het eerste kind dat afvalt is meestal het kind dat het al moeilijk vond. Die zit dan twaalf minuten te kijken en gaat vervolgens iets vervelends doen.
- Twee vaste teams die de hele middag tegen elkaar spelen. Klinkt handig, loopt bijna altijd scheef. Er zit één snel kind in het ene team, dat team wint alles, en na twee rondes wil het andere team niet meer. Wissel de teams elk spel, of laat ze samen tegen de tijd spelen.
- Spellen waar je lang bij moet uitleggen. Als de uitleg langer duurt dan dertig seconden, ben je ze kwijt.
Hoeveel kinderen vraag je
Vuistregel: het aantal jaren dat je kind wordt, plus één of twee. Dus zes tot acht kinderen bij een zesjarige, zeven tot negen bij een zevenjarige. Met de jarige erbij zit je dan rond de acht.
Bij meer dan tien kinderen verandert het karakter van de middag. Dan ben je geen spelleider meer maar een verkeersregelaar. Bij minder dan vijf valt een speurtocht in teams uit elkaar, want dan is er geen team.
Twee volwassenen is prettig. Eén doet het verhaal en de spellen, de ander regelt drinken, wc en het kind dat even geen zin heeft.
Wat je in huis haalt
- Een pak gewoon A4 printpapier, honderd vellen is ruim genoeg
- Twee scharen, plakband en punaises of washi-tape
- Een bol touw voor de speurtocht of een parcours
- Bekers, servetten en rietjes in één kleur
- Iets om de schat in te doen, een schoenendoos werkt prima
- Kleine prijsjes, reken op twee per kind
- Een timer of gewoon je telefoon
- Reservekleuren stiften, want er ligt er altijd één droog
Wat er misgaat, en hoe je het voorkomt
Er is een kind dat alles al weet. Het heeft hetzelfde feest bij een neefje gehad, of het heeft jou zien printen. Dat kind roept binnen twee minuten waar de schat ligt. Geef hem of haar meteen een eigen rol: hulpspelleider, kaartbewaarder, degene die de briefjes uitdeelt. Wie een taak heeft, verklapt niks. Verstop het antwoord bovendien pas als de gasten er zijn, niet de avond ervoor.
Het eerste spel loopt uit. Je plant vijftien minuten, het duurt er vijfentwintig. Dan schuift alles op en zit je bij de taart al achter. Zet een timer, kondig aan hoe lang iets duurt, en schrap zonder aarzelen het reservespel.
De speurtocht was buiten en het regent. Bedenk vooraf een binnenversie van elk spel dat naar buiten gaat. Acht aanwijzingen passen prima in een gewoon rijtjeshuis, ook op de trap en in de meterkast.
Eén kind wil niet meedoen. Bijna altijd omdat het het spel niet snapt of niemand kent. Dwing niet. Zet het naast jou en geef het een taakje, meestal doet het na één spel gewoon mee.
Je legt uit terwijl acht kinderen door elkaar praten. Doe eerst iets fysieks. Iedereen op de grond, of allemaal een hand in de lucht. Daarna pas de uitleg, in twee zinnen.
Traktatie en eten
Houd het klein. Iets hartigs halverwege werkt beter dan alleen zoet. Chips in bakjes, komkommer, worteltjes, een tosti in vieren. Taart precies op het geplande moment, niet eerder, want daarna zakt de energie altijd wat.
Vraag bij de uitnodiging naar allergieën. Eén appje scheelt gedoe aan tafel.
Liever niet zelf uitzoeken
Dit hele draaiboek zit kant en klaar in onze feestpakketten voor 6 tot 8 jaar. Je vult online de namen van de gasten in en die komen overal terug: op de uitnodigingen, in het voorleesverhaal en op de diploma’s. Je print het op gewoon A4, geen speciaal papier nodig.
In elk pakket zit een draaiboek per kwartier, zes tot acht spellen, uitnodigingen, deelnemerspassen, diploma’s, taartvlaggetjes en een boodschappenlijst die meerekent met het aantal kinderen.
- Piratenfeest, een schatkaart in stukken en een kist die pas opengaat als iedereen meehelpt
- Superheldenacademie, ze doen proeven en verdienen hun eigen cape-embleem
- Eenhoornfeest, de kleuren zijn verdwenen en die moeten terug
- Detectivefeest, één zaak met vijf verdachten die de hele middag doorloopt
- Ruimtefeest, een missie met echte weetjes over planeten
- Circusfeest, acts oefenen en aan het eind een voorstelling voor de ouders
Alles duurt ongeveer 105 minuten en werkt bij vier tot twaalf kinderen. Vanaf € 12,95 euro, geen verzendkosten, meteen in je mailbox. Je houdt het pakket, dus volgend jaar draai je hetzelfde feest met andere namen erin.
Bekijk de feestpakketten voor 6 tot 8 jaar
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt een kinderfeestje voor 6 of 7 jaar?
Ongeveer 105 minuten is prettig, dus anderhalf uur plus een kwartier. Kinderen van deze leeftijd houden dat makkelijk vol en je hebt genoeg tijd voor een verhaal met een begin en een eind. Korter voelt gehaast, langer wordt te veel. Zet de eindtijd meteen op de uitnodiging.
Hoeveel kinderen nodig ik uit?
Neem het aantal jaren dat je kind wordt en tel er één of twee bij op. Bij een zesjarige zit je dan op zes tot acht gasten. Vanaf ongeveer tien kinderen ben je vooral bezig met orde houden in plaats van meespelen. Onder de vijf gasten vallen teamspellen en een speurtocht wat uit elkaar.
Wat doe ik als het regent?
Zorg dat elk buitenspel een binnenversie heeft die je zonder nadenken kunt pakken. Een speurtocht kinderfeest werkt binnen prima, ook in een klein huis: de trap, de gang, onder een bed en de meterkast zijn samen al vier verstopplekken. In onze pakketten zit bij elk spel een binnenvariant en een apart regenplan. Zo hoef je op de dag zelf niets meer te bedenken.
Kan één thema voor zowel zes als zeven jaar?
Ja, en dat is ook precies de leeftijd waarop dat kan. Zes- en zevenjarigen zitten dicht bij elkaar in wat ze aankunnen: ze lezen allebei korte zinnen en snappen regels. Zit er een vijfjarig broertje of zusje bij, geef dat kind dan een maatje voor de leesopdrachten. Spelletjes kinderfeest 7 jaar zijn voor een zesjarige zelden te moeilijk, andersom vinden zevenjarigen kleuterspellen wel snel saai.
Deze feestjes passen bij 6 tot 8 jaar
Je vult de namen in, downloadt meteen en print zelf. Geen verzendkosten, geen wachten.






